Heb het lef om het roer om te gooien, je hebt nog een heel leven voor je!

Ze is journalist en was oud-hoofdredacteur van Het Parool: Barbara van Beukering. Barbara is zelf de vijftig gepasseerd, maar is absoluut niet van plan achter de geraniums te kruipen, getuige het boek dat ze recent schreef. Pieter van Stein stelde haar een aantal vragen over haar drijfveren.

 

Barbara, welkom op ons platform. We vinden het eervol dat je meewerkt aan een interview met ons! Je hebt onlangs een boek gepresenteerd met de pakkende titel ‘Kruip nooit achter een Geranium’. Hoe en wanneer kwam je op het idee om een boek te schrijven over krachtige vrouwen als Hedy D’Ancona, Marjan Berk, Neelie Kroes, Gerdi Verbeet, Annemarie Oster en Ans Markus? Was hiervoor een specifieke aanleiding?

Ik werd vorig jaar vijftig en ik realiseerde me voor het eerst  dat je dan niet meer bij de jeugd hoort. De Franse dichter Victor Hugo omschreef het heel treffend: “Veertig is de ouderdom van de jeugd en vijftig is de jeugd van de ouderdom”. In mijn leven speelden een hoop veranderingen. Mijn jongste dochter ging het huis uit, ik besloot de Persgroep waar ik 14 jaar had gewerkt te verlaten en ik werd in datzelfde jaar oma. Kortom, het was tijd voor bezinning. Ik nam een sabbatical van drie maanden en ging op reis. Ik dacht veel na over ouder worden en vooral over hoe ik die tweede helft van mijn leven wilde inrichten. Toen kwam ik op het idee om vrouwelijke voorbeelden in het ouder worden om raad te vragen. Ik maakte een lijstje met vrouwen van zeventig en tachtig plus die ik bewonder en heb hen gemaild: “ik wil graag zo oud worden zoals jij, hoe doe ik dat?”

Wat beoog je met dit boek? 

Mijn boek is een persoonlijke zoektocht naar een lang en gelukkig leven. Voor mijn oma’s (beiden geboren begin vorige eeuw) was het vreselijk om vijftig te worden. Ze hadden niet gestudeerd, nooit gewerkt. Toen hun kinderen het huis uit gingen, hadden ze niks meer. Als je naar vrouwen als Hedy d’Ancona, Neelie Kroes of Ans Markus kijkt, zie je vrouwen van ver in de zeventig die nog volop in het leven staan. Ze werken allemaal nog, zien er fantastisch uit en hebben een groot sociaal netwerk. Zo wil ik ook graag oud worden.

Wat maakte jou tijdens het schrijfproces intens gelukkig?

Ik heb veertien vrouwen geïnterviewd voor mijn boek en na elk gesprek ging ik fluitend op de fiets naar huis. Het waren zulke inspirerende vrouwen. Ik heb heel veel van ze geleerd, het stemde me dankbaar en optimistisch over mijn toekomst.

Aan welke gesprekken heb je de mooiste herinneringen?

Alle gesprekken waren bijzonder omdat de vrouwen heel openhartig waren. Neelie Kroes vertelde me dat een van de grote voordelen van ouder worden is, dat het je niet meer kan schelen wat anderen van je vinden. Als je jong bent, denk je nog bij alles na wat je omgeving ervan vindt. Als je ouder wordt, ben je de fase van het pleasen voorbij, zo verzekerde Neelie mij. En dat gold voor alle veertien vrouwen want ze waren bijzonder openhartig en bij de autorisatie van de interviews waren ze supermakkelijk.

Wilde iedereen van harte meewerken aan het boek?

Er waren een paar vrouwen die niet wilden meewerken omdat ze het te druk hadden. Hoor je dat? Te druk! Op je 78ste, haha. Maar de meeste vrouwen deden heel graag mee omdat ze het zo’n positief onderwerp vonden. Meestal gaat het over sombere dingen als het over ouderdom gaat; gebreken, ziektes, bezuinigingen in de zorg, euthanasie, dood. Voor mij was het een eye-opener dat zij allemaal zeiden dat de oude dag juist een hele leuke fase in je leven is. Geen verantwoordelijkheid meer voor je kinderen, geen zorgen meer om je ouders, geen last meer van bewijsdrang of ambitie. Ze ervoeren een grote mate van vrijheid en zeiden dat het juist daarom zo’n fijne fase van je leven is.

Kende je sommige dames al?

Ik ben al lang bevriend met Wouke van Scherrenburg dus haar kende ik al. Door haar ben ik ook min of meer op het idee gekomen, omdat zij zoveel energie heeft. Je merkt op geen enkele manier dat zij twintig jaar ouder is dan ik. Op haar zeventigste is ze nog steeds strijdbaar, baldadig, soms ondeugend. Sommige van de andere vrouwen had ik weleens ontmoet, anderen kende ik niet.

Heeft je netwerk geholpen om sommige hoofdpersonen mee te krijgen?

Het hielp wel dat alle vrouwen, ook degene die ik nooit ontmoet had, mijn naam wel kenden omdat ik hoofdredacteur van Het Parool ben geweest. Die status heeft denk ik wel voor een bepaald vertrouwen gezorgd.

Hoeveel tijd nam het maken van je boek in beslag?

Ik ben er eigenlijk een heel jaar fulltime mee bezig geweest, het hele jaar 2017. En dan heb ik hard gewerkt. In het najaar werkte ik ook s’ avonds aan het boek door.

Kun je ons een inkijkje geven in het maakproces? 

Ik ben begonnen met de interviews. De veertien interviews heb ik in 2,5 maand gehouden. De gesprekken waren intensief, duurden gemiddeld zo’n drie uur. Daarna heb ik alle interviews letterlijk uitgetikt. Dat is echt monnikenwerk. Maar ik moest dat wel doen want het is geen interviewboek waarin elk hoofdstuk iemand anders aan het woord komt. De hoofdstukken belichamen thema’s; werk, uiterlijk, gezondheid, moederschap, rimpels, geloof etc. Ik moest de interviews letterlijk uittikken om er later passages uit te kunnen overnemen. Ik heb de vrouwen de interviews allemaal gemaild met de opmerking dat ze eruit mochten halen waar ze spijt van hadden. Ze zijn heel openhartig, ook over precaire onderwerpen als seks of plastische chirurgie. Wie schetste mijn verbazing? Ze lieten alles staan. Omdat het ze namelijk niet kan schelen wat anderen van hen vinden.

Hoe zag een werkweek er voor jou uit in die periode?

Ik stond elke ochtend om zeven uur op en ging dan eerst een uurtje sporten (hardlopen, zwemmen of yoga). Om halfnegen sprong ik onder de douche en vanaf 9.00 uur installeerde ik me achter mijn bureau. Ik kwam er vandaan om te lunchen maar voor de rest werkte ik de hele dag door.

Waren er weleens ‘s nachts momenten dat je er wakker van lag?

Ik heb ontzettend veel wakker gelegen! Toen ik het boek moest ‘componeren’ wist ik niet waar ik moest beginnen. Ik had 14 interviews van elk 10.000 woorden maar hoe bak je daar een prettig leesbaar boek van?

Weken staarde ik naar mijn beeldscherm. Uiteindelijk ben ik in m’n eentje een week naar Napels gegaan. Ik moest achter het bureau vandaan om te kunnen nadenken. Ik had een hotelletje met een balkon met uitzicht op zee. Elke ochtend zat ik op het balkon te tikken en ‘s middags wandelde ik urenlang in m’n eentje door de stad. De interviews had ik thuis gelaten, ik schreef alleen persoonlijke verhalen op. Over mijn oma’s, mijn moeder, mezelf en mijn drie dochters. Toen ik thuis kwam ben ik de interviews gaan verweven met de persoonlijke verhalen. Zo ontstond er langzaam maar zeker een lezenswaardig boek.

Je zet met Kruip nooit achter een Geranium vrouwen in de kijker die tijdens hun carrière en vandaag de dag nog altijd een verschil maken. Je bent zelf een vijftiger. Hoe kijk jij naar de toekomst? 

Het belangrijkste dat de vrouwen me leerden is dat je altijd bezig moet blijven. Je hoeft geen topcarrière te hebben gehad om na je pensioen bezig te blijven. Een vriendin van mijn moeder was directeur van een school. Na haar pensioen wilde ze niet thuis gaan zitten. Ze hield altijd veel van schoenen en is toen een schoenenwinkel binnengelopen met de vraag of ze er drie dagen per week kon werken. Dat heeft ze nog jaren met veel plezier gedaan.

Zie je jezelf na je zeventigste net als bijvoorbeeld Marjan Berk nog van alles publiceren?

Marjan Berk wordt in juli 86 en schrijft nog steeds een wekelijkse column in het AD, schrijft boeken en geeft nog steeds lezingen door het hele land. Het is echt ongelofelijk hoeveel energie zij heeft. Ik hoop van harte dat ik dat ook heb op die leeftijd.

Met welke hoofdpersoon identificeer je jezelf het meest en waarom?

Ik identificeer me met alle vrouwen die ik heb geïnterviewd omdat het stuk voor stuk sterke, strijdbare vrouwen zijn. Ze zijn autonoom en doen wat ze willen, niet omdat anderen dat van hen verwachten.  Ze hebben ook allemaal weleens het roer in hun leven omgegooid en dat heb ik nu ook gedaan door een vaste baan te verlaten en in het diepe te springen door een boek te schrijven. Ik vond het bij tijd en wijle doodeng, maar door die vrouwen te spreken, wist ik dat ik op de goede weg was.

Je boek is net uit. Ben je momenteel alweer met een ander bijzonder project bezig?

Mijn boek is eind februari verschenen en sindsdien heb ik al heel veel lezingen gegeven. Het is een ontzettend leuk onderwerp om over te praten en ik merk dat de vrouwen in het publiek na afloop erg vrolijk en opgelucht zijn over het feit dat oud worden helemaal geen somber perspectief is maar juist een leuke fase.

Ik ben ook in gesprek met een televisieproducent over een programma naar aanleiding van mijn boek.

Krijgt Kruip nooit achter een Geranium op een later moment een vervolg met andere mooie dames?

Ik ga zeker nog een boek schrijven want ik vond het al met al heel fijn om te doen en ik heb ook wel een idee waarover dat moet gaan. Nee, dat ga ik nog niet met de wereld delen, daarvoor is het nog te vroeg. In ieder geval wordt het geen gevolg met andere dames.

Ooit was je hoofdredacteur van Het Parool. Ik kan mijzelf indenken dat dat een heel andere tijd was. Immers is het maken van een dagelijkse krant zo anders dan het maken van een boek. Kun je met ons de grootste verschillen delen?

Hoofdredacteur zijn van Het Parool is in journalistiek opzicht een droombaan. Het is een heerlijke krant over een van de mooiste steden van de wereld. Ik heb 7,5 jaar genoten. Het was wel buffelen. De redactie begint om 7.00 uur ’s ochtends te draaien dus ik ben al die jaren om 6.00 uur opgestaan. Als hoofdredacteur was ik zelden of nooit voor ’s avonds 20.00 uur thuis. Daarnaast geef je leiding aan veel mensen en dat betekent veel problemen oplossen. Het schrijven van een boek is een introverte bezigheid. Je hebt geen dagelijkse deadline en geen personeel. Daarvoor in de plaats kwam de twijfel en onzekerheid die je met niemand kunt delen.

Wat wilde je als jong meisje worden? Had je een meisjesdroom?

Ik ging naar de School voor de Journalistiek om beroepsinterviewer of documentairemaker te worden. Bibeb en Ireen van Ditshuyzen waren mijn twee grote voorbeelden. Het is dus allebei niet gelukt. Al heb ik door het boek wel een beetje mijn interviewambitie kunnen vervullen.

Wat is het beste carrièreadvies dat je ooit hebt gehad?

‘Blijf altijd in je eigen schoenen staan’. Oftewel ga je nooit gedragen als hoofdredacteur of schrijver. Gewoon jezelf blijven, voetjes op de vloer.

Welk ander talent zou je naast het schrijven willen hebben en waarom?

Ik zou graag goed piano willen kunnen spelen. Heb tot mijn veertiende pianoles gehad en daarna nooit meer een piano aangeraakt. Reuze jammer.

Als een collega schrijver jou zou hebben benaderd voor een dergelijk boek over vijftigers, zou je hier dan aan hebben meegewerkt?

Dat denk ik niet want ik vind vijftig op zichzelf niet interessant. Ik vind het proces van ouder worden interessant en dat is met vijftig nog maar net begonnen. En de overgang vind ik geen spannend onderwerp. Daar moet je nu eenmaal doorheen en dat gaat het beste door er zo min mogelijk bij stil te staan. Al heeft Francine Oomen er wel een heel geestig geïllustreerd boek over gemaakt.

Je hebt in jouw carrière heel veel mensen voor de krant en tijdschriften mogen interviewen. Welke dame of heer staat er altijd nog op je verlanglijstje? 

Ik heb niet zo heel veel mensen geïnterviewd omdat ik van mijn 28-jarige journalistieke carrière 21 jaar hoofdredacteur ben geweest En als hoofdredacteur vond ik het belangrijker mijn tijd in mijn journalisten te steken dan zelf te schrijven. Los daarvan: ik zou Maxima heel graag willen interviewen.

Zoals je weet richt ons platform zich op de vrouwelijke werkzoekende 50+ professional met een schat aan werk- en levenservaring. Wat wil je deze groep vrouwen meegeven?

Dat ze mijn boek moeten lezen, haha. Nee serieus, de belangrijkste boodschap van mijn boek is: kruip nooit achter een geranium. Als je vijftig bent moet je niet aftellen van: ik moet nog 17 jaar werken. Je moet denken: mijn levensverwachting is 86, wat zou ik nog allemaal willen en kunnen doen?
Ik ken een vrouw van 55 die altijd bij de televisie heeft gewerkt en onlangs een cateringbedrijf is begonnen. Of een andere vrouw van 50 die op de kappersopleiding zit. Heb het lef om het roer om te gooien, je hebt nog een heel leven voor je!

 

Interview: Pieter van Stein

Fotograaf: Linda Stulic

 

Benieuwd naar het boek? Bestel het hier: https://www.bol.com/nl/p/kruip-nooit-achter-geranium-persoonlijke-zoektocht-naar-lang-gelukkig-leven/9200000085089700/?suggestionType=typedsearch&bltgh=54d3cabd-dcec-4f57-8eda-da19d1f3d079.1.2.ProductTitle

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Wil je response geven?
Graag zelfs!
Voel je vrij om een reactie te plaatsen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *